Vergroeningsregels Nederland

Voldoen aan de vergroening met de juiste groenbemesters

Akkerbouwers die verplicht zijn mee te doen aan de vergroening dienen 5% ecologisch aandachtsgebied te hebben. Deze dient
ten goede te komen aan de verbetering van het milieu en de biodiversiteit. De vergroening kan eenvoudig ingevuld worden door
het telen van een groenbemester. Hierbij is het wel de verplichting een mengsel te zaaien van minstens 2 soorten. Indien de
groenbemester al vroeg onder het hoofdgewas wordt uitgezaaid (grasgroenbemesters / vlinderbloemige gewassen) dan is een
mengselverplichting niet direct aan de orde.

Aan het telen van groenbemesters die meetellen voor het GLB-vergroeningsbeleid zijn enkele voorwaarden verbonden:

  • Het mengsel moet minimaal 2 soorten bevatten.
  • U gebruikt ten minste 75% van de in de Aanbevelende Rassenlijst voor landbouwgewassen (CSAR) aanbevolen hoeveelheid zaaizaad.
  • Inzaaien na oogsten hoofdteelt en na 15 juli en uiterlijk 15 oktober.
  • De 8-weken periode start niet voor 15 juli (geldt niet voor categorie 2 - ‘vanggewassen voor aaltjesbestrijding’).
  • Minimaal 8 weken op het land (geldt nu voor alle categorieën).
  • Het gebruik van meststoffen is toegestaan.
  • Gebruik gewasbeschermingsmiddel mag niet vanaf moment van oogst hoofdgewas en t/m de 8-weken periode dat het vanggewas minimaal op het land moet staan.
  • Het vanggewas mag geen wintergewas zijn dat in het najaar wordt ingezaaid en in de winter of voorjaar wordt geoogst.

Binnen Vital Earth is voor elk teeltdoel een geschikt mengsel samengesteld conform de eisen van de praktijk.

Kijk altijd voor de laatste info op: Check voor de laatste info vooraf www.rvo.nl of www.glbcheck.nl